conceptueel kunstenaar - portrettist

L O S T in PARADISE ? the making of
2 waaiportretten over milieu en spiritualiteit. Heiligdom Onze Lieve Vrouw ter Nood, Heiloo, vanaf 25 maart 2023

Het begon met Adam en Eva. De zesde dag: en God zei: Laat ons mensen maken, naar ons beeld, naar onze gelijkenis; en dat zij heerschappij hebben over de vissen der zee, en over het gevogelte des hemels, en over het vee, en over de gehele aarde, en over al het kruipend gedierte dat op de aarde kruipt. En God schiep de mens naar zijn beeld; naar het beeld van God schiep hij hem; man en vrouw schiep hij ze.” Twee menselijke figuren (Adam en Eva)

De monumentale installatie L O S T in PARADISE ? is een 2D-installatie, fremdkörper, in het landschap. De titel verwijst naar het Bijbelverhaal over het Verloren paradijs en naar het epische gedicht Paradise Lost van de 17e-eeuwse Engelse dichter John Milton. Dat eveneens gebaseerd is 0p het verhaal van de val van Adam en Eva. Het gedicht werd door critici op diverse manieren uitgelegd. Ook deze installatie van 2 verschillende werken wil een multi-interpretabel signaal afgeven aan het publiek over spiritualiteit & milieu.

De installatie bestaat uit twee waaiportretten: twee transparante, kleurvolle, realistische afbeeldingen (5,50 m x 3,50m) die of een hoopvolle of een wanhopige man en vrouw voor een gotisch kerkraam uitbeelden. Dé Adam en dé Eva van deze tijd. Ze geven uiting aan hun zoektocht naar de balans tussen natuur, cultuur en spiritualiteit. Beiden staan ze rechtop met hun hoofd omhoog geheven, mond open in een schreeuw/ ademteug, armen wijd uitgestrekt naar de hemel. Zingen en/ of bidden ze hoopvol? Of schreeuwen/ huilen ze in wanhoop? Beide kan. Een combinatie van beide kan ook. De hopende mens omarmt en bezingt respect, inclusiviteit, rechtvaardigheid en gastvrijheid naar alles wat leeft, ademt en bestaat in deze wereld: het is de blijmoedige hoeder van ons paradijs op aarde. De wanhopige mens is gefocust op het disrespect voor al wat leeft, milieu, cultuur, spiritualiteit, de oorlogen, de vernietigingen, het gevaar. Kortom hij is vol angst of werkt misschien wel mee aan het verlies en de vernietiging van ons paradijs op aarde.

Wat beleef je? De wanhoop? De hoop? Van alles wat? Of niets van dit alles?

De achtergrond is een gotisch gebrandschilderd kerkraam dat verwijst naar spiritualiteit. In dit geval naar het christendom. Dit beeld is voor iedereen herkenbaar en daardoor toegankelijk. Het verwijst tevens naar de fysieke plek waar deze installatie voor bedacht is: de geloofsbeleving van het Heiligdom Onze Lieve vrouw ter Nood. Door dit gotische raam te isoleren, er een blow-up van te maken en het in een totaal andere setting (tussen de bomen) te plaatsen, krijgt het raam een totaal andere dimensie. Ook breng ik door deze ingreep ‘de kerk’ letterlijk naar buiten. In het raam zijn net als in de kerkelijke traditie symbolen verwerkt. Dit door de gebruikte kleuren en afbeeldingen. Het verhaalt bijvoorbeeld over De natuur door het gebruik van de gestileerde groene bladeren. Het representeert het milieu in het algemeen. Zowel de ‘wilde’ als de gecultiveerde natuur. De rode aureool midden in het groen dient als signaalfunctie: de natuur verkeert in gevaar. De krans van laurierbladeren is door de groene bladeren een symbool van eeuwig leven, eeuwige vriendschap, overwinning, roem en eerbetoon. Het blauw staat voor hemel, lucht en water, de intensiteit van de kleur staat voor hun kracht. De gele kleuren staan voor het goddelijke, magische, de zon, de warmte & energie die in de achtergrond opgloeit etc.

Materiaal: De installatie is opgebouwd uit 3780 vierkantjes (1890 per portret) felgekleurde, transparante reclamefolie gevat in zipzakjes, restpartijen en buitenbeentjes aangevuld met nieuwe elementen. Het overgrote deel hiervan is recyclebaar en/of wordt hergebruikt in nieuwe projecten.

Uit recente berekeningen van het ING Economisch Bureau blijkt dat Nederlanders per persoon ruim 1.500 stuks plastic voedselverpakkingen per jaar gebruiken. Dit staat gelijk aan ca. een portret! Is dit jouw, mijn, onze ode aan de natuur?

De portretten hangen gedeeltelijk los in een frame. Ze wiegen, waaien, ritselen en ademen mee op het ritme van de wind. De afbeelding verschijnt en verdwijnt. Net als hoop en wanhoop. Wanneer de wind door het werk heen waait, gaan de vierkantjes als schubben open en weer dicht. Daardoor lijkt de afbeelding te ademen, bewegen en te leven. Ook is er het spel van het licht dat maakt dat het werk veranderlijk is. De weerfactoren maken het beeld. Het werk is direct verbondenheid met de elementen.

Zoals de mens verbonden en afhankelijk van de gulheid van de natuur is, is de natuur afhankelijk van de verbondenheid, behandeling en gulheid van de mens.

Dit project is mede mogelijk gemaakt dankzij de ideeën, adviezen en assistentie van Rob Verwer.

 

Proces: van experiment naar uitvoering:

1. Het experiment: Het werk wil ik door het ‘filosofische’  thema een luchtigheid & poëzie meegeven:

  1. het draagvlak van ieder werk zou bewegelijk, wapperbaar en vervormbaar in de wind moeten zijn
  2. het werk moet weersinvloeden aankunnen
  3. het werk moet transparant zijn, de omgeving moet er in zichtbaar zijn
  4. het werk zou duurzaam moeten zijn & recyclebaar
  5. het restafval zal opnieuw verwerkt worden

   

    

Hierboven de testjes met de transparante folie. Dit zijn verschillende testjes voor de duurzaamheid in hechting en de gevolgen van de weersinvloeden. Het proefje dat we gedaan hadden met landbouwplastic en macalfolie leek uitvoerbaar. Na enige tijd buiten gehangen te hebben, bleek dat de macalfolie 8300 uiteindelijk niet hield op de reeds ingezamelde landbouwfolie die ik als drager voor de afbeelding wilde gebruiken. We moesten opnieuw beginnen. We hebben proefjes met verf, transparante vernis op landbouwplastic gedaan maar dit had niet het gewenste effect. Opnieuw gebrainstormd en tevens geïnformeerd bij specialisten naar andere oplossingen.

De professionals vonden de vraagstelling onmogelijk. Wel bleek dat plexiglas i.p.v. landbouwplastic de makkelijkste, duurzaamste en eenvoudigste oplossing was met het beste resultaat. Probleem hierbij vond ik dat er dan geen sprake meer was van een ‘waaiportret’.  het werk zou met dit materiaal te stijf, strak, stug en te rigide worden. Daardoor gaf het niet de emotie af die ik wilde bereiken met dit werk.

Aan twee kanten plakfolie leek een briljant nieuw idee. Macalfolie transparant zelf ook als drager van het werk. Hierdoor bleef het werk plooibaar en wapperbaar en konden de weer elementen met het werk spelen. Ook hier verschillende proefjes en probeersels mee gedaan. Dit idee bleek in praktijk niet werkbaar omdat de aan te brengen stukjes folie niet replaceerbaar waren maar zich meteen definitief aan de drager hechten waardoor het aanbrengen niet hanteerbaar was.

Uiteindelijk hebben we de transparante gekleurde macalfolie op watergedragen belijmde boeklon aangebracht. Replaceerbaar maar niet watervast. Hiervoor hebben we opnieuw naar een oplossing gezocht. Sealen was geen sterk idee als beeld. Het opbergen in kleine plastic zakjes wel. Dit dagdagelijkse gebruiksmiddel brengt heel duidelijk ons/ook mijn consumptiegedrag in beeld. Het is daarnaast goed recyclebaar. Verder zorgt het precies voor de poëzie en symboliek die ik in de weergave van dit werk zocht. Alleen is het nadeel dat het erg bewerkelijk is.

2. De inzameling van restmateriaal & folie

Het was veel moeilijker dan ik dacht om restfolie en buitenbeentjes te vinden. Tenminste het type dat ik zoek. Transparant en gekleurd. Menig reclamebureau, plotterbedrijf etc. heb ik gebeld en gemaild. Blijkt dat de restfolie die als afval wordt gekenmerkt niet meer geschikt is voor hergebruik. De overschotten die wel bruikbaar zijn worden doorverkocht. Hier heb ik gebruik van gemaakt. Ook heb ik onze eigen restpartijen opgebruikt en een groot deel restpartijen aan kunnen kopen bij een bedrijf dat ophoudt. Dit heb ik het aangevuld met nieuwe partijen. Bij de zipzakjes heb ik gekozen voor 100 % recyclebaar materiaal. Het werk is door het materiaal duurzaam en deels recyclebaar want een deel van het materiaal kan weer worden hergebruikt.

. .

Deel van de partijen restfolie en buitenbeentjes die verzameld zijn en gebruikt  in de twee waaiportretten.

3. Uitvoer en opbouw Eva

   

3. Uitvoer en opbouw Adam

 

4. Voorbereidingen werk inhangen in het net

Om het werk zo gecontroleerd mogelijk op te bouwen is elk portret opgedeeld in 11 x 4 rechthoeken. Deze rechthoeken bestaan uit 9×5=45 vierkantjes. Ieder vierkantje is 9.7 x 9.7 cm. Deze worden uitgesneden en in zakjes geseald. Deze zakjes worden bevestigd in een geknoopt net.

 

Uitprobeersel inhangen onderdelen eerste waaiportret

Scroll naar top